Als de leerling bereid is, zal de leermeester verschijnen. Oosters spreekwoord

Archief

Nieuw in archief | Artikel overzicht
A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z |

04-08-2011 

De teugelhulpen bij de schouderbinnenwaarts!

2 augustus 2011


Normaal gesproken moeten bij het rijden van een schouderbinnenwaarts beide handen van de ruiter naar binnen gebracht worden, waarbij iedere hand aan zijn eigen zijde van de manenkam moet blijven.

 

 

 

Bij jonge paarden of paarden die gecorrigeerd moeten worden, kan het helpen wanneer je beide handen over de manenkam naar binnen of naar buiten brengt.  Afhankelijk van de natuurlijke beweging van het paard.

 

 

Bijvoorbeeld:


Een linksgebogen paard op de linkerhand zal de neiging hebben over de rechterschouder weg te vallen. Door beide handen naar links te brengen (naar binnen) kan men het paard helpen bij het rijden van een goede schouderbinnenwaarts. Hierbij onderhoudt de linkerteugel de stelling naar links.

 

 
Een rechtsgebogen paard op de linkerhand zal eerder de neiging hebben over de linkerschouder te vallen (naar binnen). Door beide handen naar buiten te brengen kan men het paard ondersteunen bij het rijden van een schouderbinnenwaarts. Ook hier vraagt en onderhoud de linkerteugel de stelling  naar links.

Soms is het zelfs (tijdelijk) aan te raden de linkerhand/teugel iets naar boven te brengen richting de rechterheup van de ruiter om te voorkomen dat het paard op zijn rechterschouder valt.

Een teugelhulp staat nooit op zichzelf en wordt altijd ondersteunt door zit- en/of beenhulpen.
(Het binnenbeen (binnenzitbeenknobbel) is verantwoordelijk voor de buiging in de ribbenkast en het ondertreden van het binnenachterbeen. Het buitenbeen dat iets naar achteren ligt, voorkomt het uitzwaaien van de achterhand.)

 

Wilt u reageren op dit artikel?

Tonen bij bericht?
Na het versturen, wordt uw reactie gecontroleerd door onze redactie voordat het geplaatst wordt.