Als je niet weet waar je heen wilt, maakt het ook niet uit welke weg je kiest.

Paard in training zetten

U kunt uw paard voor een bepaalde periode in training zetten bij Klassiek Paardrijden.

DOEL
Tijdens deze trainingsperiode wordt uw paard getraind en opgeleid in het rechtrichten en de Klassieke Rijkunst. Via de verschillende trainingstechnieken (werk aan de hand, longeren en rijden) wordt uw paard systematisch gegymnastiseerd, waardoor zijn balans, soepelheid en draagkracht zich ontwikkelen.

OPZET
In de laatste week van deze trainingsperiode wordt de eigenaar/ruiter erbij betrokken. Men kan in deze week twee trainingen bijwonen en men krijgt twee lessen. Men wordt volledig geïnformeerd over de ontwikkeling van het paard en krijgt advies voor de training thuis.

In overleg kan een trainingsplan samengesteld worden.

Op die manier kan men thuis de training voortzetten, zonder dat het gevaar bestaat dat men terugvalt in de oude gewoontes.

Trainingspaarden:


TRAININGSPAARD STEFKE                         25 november t/m 9 december 2007

Van 25 november tot en met 9 december 2007 was Stefke, een 15 jarige Haflinger in training bij Klassiek Paardrijden.

Het probleem:
- de stuwkracht (met name linksom);
- op de voorhand lopen
- moeilijk nageeflijk willen zijn, zich “recht” houden.

Bovendien heeft Stefke in het verleden een ernstige peesblessure aan zijn linkerachterbeen gehad



Stefke is een linksgebogen paard. Wat wil zeggen dat de spieren aan de linkerzijde kort en sterk zijn en de spieren aan de rechterzijde
lang en slap zijn.Bovendien wordt door zijn linksgebogenheid het linkerachterbeen buiten de massa geplaatst waardoor dit been niet zo buigzaam is, minder draagkrachtig is en tegen de massa aan gaat duwen (stuwende werking). Hierdoor wordt een groot deel van het gewicht
 naar de rechterschouder verschoven, wat voor overbelasting kan zorgen.

 

 
Een linksgebogen paard zal op de volte linksom hierdoor over de buitenschouder vallen

 

 


Op de volte rechtsom zal hij op de binnenschouder vallen





Door het gebruik van de achterbenen, die meer stuwen dan dragen, komt een paard op de voorhand te lopen, wordt zwaar in de hand en belast de voorhand overmatig.Door de grote rugspanning kon Stefke zijn hoofd maar moeilijk laten zakken. Hierdoor maakte hij zijn rugspieren kort en zijn buik- en onderhalsspieren lang.

Door Stefke op de volte te zetten en hem uit te nodigen zich te buigen in de lengte, zowel linksom als rechtsom, maakte hij zijn spieren aan de buitenzijde en zijn buitenste rugspier lang, waardoor zijn hoofd vanzelf wel moet zakken.Omdat een lange spier niet kan heffen

 

Door de lengtebuiging komt bovendien de binnenheup naar voren, zodat het binnenachterbeen onder de massa, richting het zwaartepunt, geplaatst kan worden en gewicht over kan nemen, zich moet gaan buigen en gaan dragen

 


Op deze manier wordt:
- de voorhand ontlast (beter horizontaal evenwicht);
- komt het paard beter in balans, doordat hij zijn massa ondersteunt;
- wordt het binnenachterbeen buigzamer, draagkrachtiger en dus sterker;
- het paard soepeler en meer ontspannen;
- waardoor de hulpen beter door kunnen komen.

Door Stefke eerst aan de hand op een volte te leren buigen in de lengte, en onder te treden met zijn binnenachterbeen, waardoor deze tot dragen gebracht wordt, komt hij vanzelf voorwaarts-neerwaarts in de hand.
Zodra hij zich op de volte in balans weet te bewegen, gaan we de lange zijde op en vragen we hem, met behoud van de lengtebuiging, rechtuit te gaan.
Zodra dit bevestigd is, kunnen we rijdend hetzelfde vragen.

  

Door de slechte lichtval in de binnenrijhal zijn de foto's helaas niet zo mooi geworden.


Terug naar boven


TRAININGSPAARD SMOKEY                       11 februari t/m 29 februari 2008

Klassiek Paardrijden heeft van 11 februari tot 29 februari 2008 de pony Smokey in training gehad.

Aangezien de eigenaar van Smokey al enkele maanden lest bij Klassiek Paardrijden, kon de training worden voortgezet volgens de ingeslagen weg

De stappen van het rechtrichten:
1. lengtebuiging
2. voorwaarts neerwaarts
3. ondertreden
4. buiging binnenachterbeen
5. buiging buitenachterbeen

Het doel van de training was:
• de soepelheid en buigzaamheid van Smokey nog verder te verbeteren zowel wat de lengtebuiging betreft als de buigzaamheid van haar achterbenen.
• de oefeningen schouderbinnenwaarts, travers, renvers, appuyeren en de werkpirouette in stap,aan de hand, te verbeteren en/of aan te leren
• de draf aan de hand aan te leren, in een gedragen tempo

Smokey is een van nature linksgebogen paard. Hierdoor heeft is het inbuigen naar rechts lastiger voor haar dan naar links en is haar linkerachterbeen het stuwende, minst dragende/buigzame achterbeen.

DE TRAINING
De opbouw:
1. lengtebuiging
2. ondertreden binnenachterbeen
3. voorwaarts neerwaarts lopen
4. training binnenachterbeen
5. training buitenachterbeen

1 t/m 3 Voltes en slangenvoltes
 
Door het paard zowel links- als rechtsom op de volte te zetten, leert het paard  zich gelijkmatig te buigen naar links en naar rechts.
De spieren aan de binnenzijde moeten zich leren aanspannen en de spieren aan de buitenzijde moeten zich strekken.
Doordat de spieren aan de binnenzijde zich verkorten komen de binnenschouder en de binnenheup dichter bij elkaar te liggen. Hierdoor kan het binnenachterbeen naar het zwaartepunt stappen, waardoor het paard in
balans komt door de massa te ondersteunen.


Doordat het paard zijn spieren aan de buitenzijde en de bovenzijde ontspant en lang maakt, zakt het hoofd en de hals vanzelf voorwaarts neerwaarts. Aangezien een lange, ontspannen spier niet kan dragen.

 

4. Schouderbinnenwaarts
Zodra het paard geleerd heeft zich correct te buigen naar links en naar rechts en onder te treden met het binnenachterbeen waarbij het voorwaarts neerwaarts kan lopen, is het tijd voor de volgende stap. Het trainen van de binnenachterbenen afzonderlijk.
Hiervoor laten we het paard op de lange zijde lopen en vragen we met de buitenteugel de schouders naar binnen te plaatsen. Hierdoor wordt de lengtebuiging vergroot, terwijl het binnenachterbeen naar het zwaartepunt moet blijven grijpen in de bewegingsrichting. Zo ontstaat de schouderbinnenwaarts. Het binnenachterbeen wordt hierdoor geanimeerd meer gewicht over te nemen, waardoor de buigzaamheid van dit achterbeen toeneemt. Hierdoor wordt dit been geleidelijk aan draagkrachtiger. Belangrijk hierbij is dat het binnenachterbeen correct naar het zwaartepunt treedt. Alleen op die manier zal het gewicht overnemen en buigzamer/sterker worden

 

5. Travers/renvers


Na de training van de binnenachterbenen, kunnen we nu ook de buitenachterbenen gaan trainen.
Hiervoor gebruiken we de oefening travers en renvers.

In de travers wordt het paard gevraagd de achterhand naar binnen te brengen (lengtebuiging), terwijl de schouders op de hoefslag rechtdoor gaan. Op die manier komt het buitenachterbeen in het spoor van het binnenvoorbeen en kan onder het zwaartepunt geplaatst worden. Dit buitenachterbeen kan nu gewicht overnemen van de voorhand, waardoor het sterker en buigzamer kan worden.

Ook in de renvers wordt het paard gevraagd met het buitenachterbeen naar het zwaartepunt te treden en zich te buigen in de lengte. Het verschil met de travers is dat de achterhand nu niet naar binnen gevraagd wordt, maar juist naar buiten. Hierdoor komt het paard meer los van de wand te lopen, waardoor hij beter leert op eigen benen te lopen en tussen de hulpen van de ruiter te blijven. De coördinatie van de ledematen wordt hierdoor bevorderd


De renvers wordt aangeleerd door vanuit de schouderbinnenwaarts de buiging van het paard te  wisselen. De beenzetting blijft hetzelfde.

 

ERVARINGEN EN CONCLUSIE
Op bovenstaande manier heb ik Smokey getraind. De oefeningen op zich leverden weinig problemen op voor Smokey.
Echter de grote sensibiliteit van Smokey bij aanraking of onverwachte bewegingen, heeft veel invloed op haar manier van bewegen. Smokey heeft veel last van geestelijke spanning, waardoor ze haar lichaam erg gespannen houdt. (weinig vertrouwen). Dit is waarschijnlijk het resultaat van negatieve ervaringen tijdens het ruitermak maken.
Om haar overgevoeligheid voor aanraking iets te verminderen, heb ik haar ingebonden met een bandage, welke als een soort 8 om haar borst en achterbenen gebonden werd. (methode van Linda Tellington Jones).
Hierdoor werd Smokey zich beter bewust van haar ledematen, waardoor bij aanraking de reactie minder stressvol werd.

Bovendien is het bij Smokey erg belangrijk om vanuit een goede vertrouwensband te werken. De beloningssnoepjes werkten hierbij erg stimulerend.
Tevens heb ik al het “negatieve”gedrag genegeerd en al het positieve gedrag beloond. Gaandeweg de training merkte je dat Smokey minder gespannen was als ik haar kwam halen en met haar ging werken.
Bij het aanleren van nieuwe oefeningen ontwikkelde er zich altijd weer wat spanning bij haar, maar zodra ze de bedoeling snapte, kon ze zich weer ontspannen. Toch blijft de spanning bij Smokey een groot aandachtspunt en zal waarschijnlijk nog wel enige tijd duren. Werken vanuit rust en kalmte en met een positieve intensie zijn erg belangrijk.In de tweede week van de training werd Smokey erg hengstig, wat de training dusdanig deed stagneren, dat we besloten hebben om het even rustig aan te doen gedurende haar hengstigheid.
Dientengevolge heb ik Smokey nog een derde week getraind.
In deze derde week bleek dat ze het geleerde goed had onthouden, zodat ik een start kon maken met het appuyement en de arbeidspirouette.
Haar gevoeligheid in de derde week was ook aanzienlijk minder. Wat dus klaarblijkelijk tevens samenhangt met haar hormonale toestand.

Zoals gezegd waren de oefeningen eigenlijk geen probleem voor Smokey. Lichaamstechnisch heeft zij weinig obstakels. De training was voornamelijk gericht op de ontwikkeling van de draagkracht van de achterbenen (de buigzaamheid)en de geestelijke ontspanning.

Zowel in stap als in draf hebben we de schouderbinnenwaarts geoefend. De travers en renvers heb ik in stap getraind en een begin gemaakt met de arbeidspirouette. Doordat het linkerachterbeen minder draagkrachtig is dan het rechter-achterbeen en dus graag gaat stuwen, is het draven linksom ook lastiger dan rechtsom. Linksom duwde ze haar achter-hand liever omhoog in plaats van te laten zakken. Vooral tijdens het longeren zie je dat Smokey makkelijk weer gaat stuwen, waardoor ze op de voorhand komt te lopen.

Gaandeweg de training werd dit beter en leert ze zich steeds beter in balans te bewegen.

De training van Smokey heb ik als bijzonder prettig en zeer leerzaam ervaren. Het is een heel fijn paard om mee te werken, zeker naarmate de vertrouwensband beter werd.
Smokey is een pony met veel mogelijkheden. Ze is heel soepel en leert de oefeningen makkelijk aan. Bovendien wil ze graag voor je werken.




Terug naar boven


TRAININGSPAARD MORGAN                 30 maart t/m 14 april 2008

De 14-jarige merrie Morgan stond van 30 maart t/m 14 april in training bij Klassiek Paardrijden.
De eigenaresse Barbara Beltman is met Morgan bij het Rechtrichten en de Klassieke Rijkunst terecht gekomen door de problemen die ze had met Morgan. Voordat Morgan getraind werd volgens de principes van het rechtrichten had ze hoefkatrolontsteking aan het rechtervoorbeen, waardoor ze kreupel liep. Door de juiste manier van training kon de overbelasting van het rechtervoorbeen worden verholpen en liep Morgan weer zuiver. Aangezien Barbara reeds geruime tijd lest bij Klassiek Paardrijden kon de training gewoon worden voortgezet.

De training bestaat uit de volgende onderdelen:
• lengtebuiging
• ondertreden
• voorwaarts neerwaarts
• training binnenachterbeen
• training buitenachterbeen.

Om dit te bereiken, maken we gebruik van de volgende oefeningen, zowel rijdend als d.m.v. het werk aan de hand:
• volte
• slangenvolte
• schouderbinnenwaarts
• travers
• renvers
• appuyement
• werkpirouette




Alle oefeningen worden eerst aan de hand en daarna rijdend, in stap aangeleerd, daarna in draf en daarna in galop.


De natuurlijke buiging
Morgan is een van nature linksgebogen paard, waardoor er meer gewicht op het rechtervoorbeen komt. Door langdurige overbelasting kan dit onregelmatigheid, kreupelheid en zelfs hoefkatrolontsteking veroorzaken.
Door de linksgebogenheid van Morgan, stuwt zij met haar linkerachterbeen harder dan met haar rechterachterbeen, waardoor er een groter deel van het gewicht op het rechtervoorbeen terecht komt.

 


Deze linksgebogenheid heeft bovendien tot gevolg dat Morgan op de volte linksom over de buitenschouder valt

Op de volte rechtsom valt zij op de binnenschouder
Beide achterbenen van Morgan moeten gestimuleerd worden een grote beweging naar voren, naar het zwaartepunt, te maken, zodat bij gewichtsovername van de voorhand de gewrichten in het achterbenen zich optimaal leren buigen. Teneinde het paard steeds verder te kunnen verzamelen en oprichten.

 

Voor een correcte buiging van de achterbenen moeten deze zuiver onder het zwaartepunt geplaatst kunnen worden, zodat het vermeerderde gewicht, afkomstig van de voorhand, de gewrichten in de achterbenen (met name de hurken, het heup- knie- en spronggewricht) optimaal doen buigen.
Om bovenstaande te kunnen bereiken beginnen we met het voorwaarts rijden van Morgan op de volte en op de rechte lijn, met een voorwaarts neerwaartse tendens en met correcte lengtebuiging. Op die manier leert zij haar bovenlijn en buitenzijde strekken en haar onderlijn en binnenzijde aanspannen. Bij het voorwaarts rijden is het belangrijk dat Morgan zich lang maakt in de hals en zich voorwaarts neerwaarts beweegt zonder daarbij zwaar te worden in de hand en dus op de voorhand gaat lopen. Bovendien moet de binnenteugel ontspannen zijn. Dit is mogelijk wanneer ze zich correct buigt in de lengte, waardoor haar binnenheup naar voren komt, waardoor haar binnenachterbeen de mogelijkheid krijgt om onder het zwaartepunt te treden. Op deze manier ontwikkelt zich een goede balans.



Door middel van de rechtrichtende oefening de schouderbinnenwaarts en de travers worden beide achterbenen getraind zich onder het zwaartepunt te plaatsen en hierbij gewicht over te nemen van de voorhand. De lengtebuiging is voor Morgan geen enkel probleem, maar het naar voren swingen van het achterbeen, zodat hij onder de massa geplaatst kan worden, blijft een attentiepunt.

 

Ook de renvers, het appuyement en de werkpirouette komen in deze twee trainingsweken aan de orde. Aan het einde van de trainingsperiode kan Morgan al deze oefeningen in stap uitvoeren. De schouderbinnenwaarts en de travers kan ze ook in draf op de lange zijde en op de volte.

Morgan was voor mij een geweldig leuk en leerzaam trainingspaard, waar ik erg van genoten heb. Ze is een geweldig lief paard, dat altijd bereid is voor je te werken. En super goed opgevoed! Barbara bedankt!

Terug naar boven


TRAININGSPAARD TOBY                  13 november 2008 t/m 3 november 2008

Paard: Toby, 7-jarige ruin, afkomst onbekend.
Eigenaresse: Priscilla Heykoop
Historie: Toby heeft erg last gehad van ontstekingen in zijn wervels in zijn rug. Erik Laarakker heeft hem daarvoor behandeld. Nadat alles weer in orde was, is Priscilla bij Klassiek Paardrijden gaan lessen en traint ze hem volgens de rechtricht-methode, nu ongeveer een half jaar. Als gevolg van zijn rugproblemen heeft Toby nu nog enigszins last van singelnijd.
Trainingsdoel: Een specifiek trainingsdoel had Priscilla niet. Ze heeft Toby bij Klassiek Paardrijden in training gezet, aangezien ze zelf enige weken uit de roulatie was. Daar ze nu net lekker op weg waren met de training, vond ze het jammer om Toby zo lang stil te zetten.


In de eerste week van de training moest Toby duidelijk wennen aan alle nieuwe omstandigheden. In de wei had hij al gauw vriendschap gesloten.
In de rijbak was hij wat gespannen en had moeite zich te concentreren. Dit kwam tot uiting in:
happerig gedrag,kijkerig zijn, moeilijk stil kunnen staan aan het begin van de training soms wat drammerig kunnen zijn

Door Toby veel te belonen en kleine stukjes te vragen, wordt zijn medewerking en concentratie al snel beter en kan hij zich beter ontspannen

Toby is van nature een linksgebogen paard, met aan de linkerzijde de korte, stijve spieren en aan zijn rechter zijde de lange,
slappe spieren. Het inbuigen naar rechts wordt hierdoor lastiger.
Het linker achterbeen is het stuwende been en beweegt zich ruimer naar voren dan het rechterachterbeen. Het linkerachterbeen
wordt echter niet onder de massa geplaatst en neemt hierdoor minder gewicht op. Dit heeft tot gevolg dat dit  been minder
buigzaam is. Het rechterachterbeen is het van nature meer dragende been dat beter onder het zwaartepunt geplaatst wordt. Hierdoor is dit been buigzamer dan het linkerachterbeen, maar beweegt zich minder ver naar voren.


Door het paard op de volte naar beide zijden in te laten buigen en hierbij het betreffende achterbeen naar het zwaartepunt te vragen, komt het paard meer in balans. Het paard moet door de gevraagde lengtebuiging de lange rugspieren en de spieren aan de buitenzijdelang maken, waardoor het hoofd als het ware vanzelf voorwaarts neerwaarts “valt”. Mede doordat het paard meer balans vindt doordat het zijn massa ondersteunt door het  het ondertredende achterbeen, zal hij zich makkelijker kunnen ontspannen en zijn spieren loslaten. De fysieke ontspanning heeft als gevolg dat hij zich ook mentaal beter kan ontspannen.
Aangezien Priscilla al enige maanden met Toby aan het trainen was, was de lengtebuiging naar links en naar rechts al aardig in orde . Interessant was dat Toby ook prachtig zijn staart meenam in de lengtebuiging.



Ook op de rechte lijn moet het binnenachterbeen blijven ondertreden en naar het zwaartepunt blijven grijpen, waarbij het paard zich voorwaarts neerwaarts blijft bewegen. Beide achterbenen van Toby hebben een geringe swing naar voren. Daarom is het belangrijk hem goed voorwaarts neerwaarts te rijden, zodat het achterbeen steeds voldoende uitgenodigd wordt naar voren te komen richting het zwaartepunt.


Hierbij is het belangrijk dat het paard niet op de voorhand gaat open. Door het nog onvoldoende naar voren grijpen van de achterbenen, bestaat de kans dat het paard bij het voorwaarts rijden a.h.w. op de voorhand komt, dit moet echter voorkomen worden. Het paard moet zoveel voorwaarts gereden worden, dat de schouder vrij naar voren kan grijpen. Het voorbeen mag dus niet onder het lichaam gaan bewegen.
De tendens voorwaarts neerwaarts moet niet uitmonden in teveel neerwaarts. Het naar voren swingen van het achterbeen moet “lichtheid” geven in de schouders (meer schoudervrijheid) en dus in de hand. Het paard mag niet zwaar worden in de hand. De lengte in de hals moet bovendien behouden blijven met de neus voor de loodlijn.

Doordat het linkerachterbeen stijver is, is het lastig voor Toby om dit been voorwaarts naar het zwaartepunt te bewegen en onder de vermeerderde last enigszins te buigen. Vaak ging dit ten koste van de ontspanning en/of nageeflijkheid of van de takt en regelmaat.
Het rechterachterbeen, welke het minst voorwaarts grijpt, moet vooral leren een grotere beweging naar voren te maken vanuit het heupgewricht.

Gaandeweg de training werd Toby ruimer in zijn beweging en buigzamer in de achterbenen. In de schouderbinnenwaarts wordt het binnenachterbeen nog meer belast door de vermeerderde lengtebuiging, wat duidelijk lastig is voor Toby. Belangrijk hierbij is dat niet de mate van lengtebuiging het belangrijkste is, maar het naar voren, naar het zwaartepunt blijven grijpen van het binnenachterbeen juist de prioriteit heeft. Dus liever iets minder lengtebuiging, maar met een goed werkend achterbeen dat ondertreedt en zich even moet buigen, dan teveel lengtebuiging met een achterbeen dat niet meer ondertreedt doordat het de vermeerderde last niet meer kan verwerken.

Door training zullen de achterbenen geleidelijk aan buigzamer en gespierder worden en daardoor sterker worden, zodat steeds meer last met de achterbenen gedragen kan worden.
Ook in de travers is het naar voren grijpen van de achterbenen, richting het zwaartepunt met behoud van de juiste lengtebuiging erg belangrijk. Ook hier moet de tendens voorwaarts neerwaarts blijvenDe travers leverde ogenschijnlijk niet zoveel moeilijkheden op. Maar erg belangrijk hierbij was dat de oefening zuiver gereden werd.
• Beide achterbenen moeten naar voren blijven grijpen en zich niet zijwaarts gaan bewegen.
• De lengtebuiging moet behouden blijven.
• Het paard moet zich blijven strekken naar de buitenteugel toe.
• de tendens voorwaarts neerwaarts moet gewaarborgd blijven.
• veel lengte in de hals houden.



Als laatste oefening hebben we een start gemaakt  met de renvers. In het begin was de bedoeling niet helemaal duidelijk voor Toby, maar naar een paar keer de oefening kort te vragen, ging het al snel beter.

 

 

 

  

Toby was een vriendelijk paard en prettig in de samenwerking. Priscilla wil ik hartelijk danken en veel succes wensen met de training.

Terug naar boven

Heeft u vragen of interesse?

Heeft u vragen, opmerkingen of interesse? Vult u dan onderstaand formulier in en u ontvangt zo spoedig mogelijk bericht.

Naam:
Email: